DEEL

Voedingsadvies voor baby’s van 0-1 jaar

Een vaststaand voedingsschema voor baby’s bestaat niet, ieder kind heeft zijn eigen ritme. Er zijn wel enkele basisrichtlijnen.

1-3 maanden

Een baby heeft alleen nog maar melk (uit de borst of fles) nodig. Je hoeft geen vaste voedingstijden aan te houden; geef je baby een voeding wanneer het erom vraagt. Meestal komt dit neer op ongeveer 6 keer per dag. Sommige kinderen drinken vaker, andere minder vaak. Dring het niet op; als je de fles geeft, dan hoeft die niet leeg. Je baby drinkt voldoende als het levendig is, goed groeit en ongeveer 6 zware plasluiers per dag heeft. Voor flesvoeding geldt dat een baby ongeveer 150 ml voeding per kilo lichaamsgewicht (per 24 uur) nodig heeft.

4-5 maanden

In principe heeft je baby de eerste 6 maanden nog steeds voldoende aan alleen melk (uit de borst of fles). Bijvoeding is nog niet nodig en wanneer er sprake is van voedselovergevoeligheid of een allergie ook nog niet aan te raden. Sommige baby’s zijn er al wel aan toe. Door een eerste fruit- of groentehapje leer je je baby alvast wennen aan andere smaken. Geef nog geen nitraatrijke groenten (zoals spinazie, andijvie, rode bietjes, snijbiet, bleekselderij, sla, venkel en paksoi). Geef ook nog geen pap (van tarwe) en koekjes, want daarin zitten gluten en die mogen baby’s pas na 6 maanden. Rijstbloempap mag wel.

6-7 maanden

Vanaf een leeftijd van 6 maanden, heeft je baby naast melk ook bijvoeding nodig om alle voedingsstoffen binnen te krijgen die nodig zijn. Daarom geef je nu ook geleidelijk gepureerde groentehapjes, fruithapjes en pap. Je kunt ook beginnen met wat stukjes lichtbruin brood, besmeerd met boter en bijvoorbeeld smeerkaas of smeerworst. Een broodkorstje kan ook. Jouw kindje leert zo kauwen. Heeft je baby koemelkeiwitallergie of is één van de gezinsleden allergisch? De introductie van bijvoeding kan dan het beste gebeuren in overleg met een diëtist.

8-10 maanden

Het is niet meer nodig om de bijvoeding te pureren; grof gesneden of geprakt is goed voor het leren kauwen. Borstvoeding of opvolgmelk blijft uiteraard nodig, maar de maaltijd voor je baby kun je steeds verder uitbreiden met een beetje aardappel, rijst of pasta en vlees of vis. Vergeet niet wat olie of boter erdoor te doen vanwege de broodnodige gezonde vetten en vitamines. En vervang pap door een broodmaaltijd. Een zuigfles is niet meer nodig: geef je baby een tuitbeker en begin met leren drinken uit een open beker of door een rietje.

11-12 maanden

Hoe meer jouw kindje gaat eten, hoe minder borstvoeding of opvolgmelk het nodig heeft. Werk ernaar toe dat je kindje vanaf de eerste verjaardag met de pot mee kan eten. De broodmaaltijden en warme maaltijd worden dus steeds belangrijker. Uiteraard nog wel aangevuld met borstvoeding of opvolgmelk. De stukjes in het eten mogen steeds groter, zodat het kauwen goed gestimuleerd wordt.

Borst- en flesvoeding

Baby’s groeien de eerste vier maanden van hun leven maar op één ding: melk. Daar zitten alle bouwstoffen, vitaminen en mineralen in die je kind nodig heeft. Of je borstvoeding of flesvoeding geeft is een persoonlijke keuze. Borstvoeding geniet de voorkeur omdat deze voeding zeer veel stoffen bevat die kleine kinderen tegen ziekten en infecties beschermen. Er zijn bovendien aanwijzingen dat borstvoeding de kans op overgewicht op latere leeftijd en diabetes verkleint.

Allergie?

Wanneer je kindje last heeft van darmkrampen of verstopping kan er sprake zijn van een allergie. Omdat een allergie moeilijk met zekerheid is vast te stellen, is het van belang de (consultatiebureau)arts te raadplegen.
De op deze pagina geboden informatie is bedoeld als indicatie en kan nooit het advies van specialisten vervangen. Voor meer informatie over voedingsmiddelen en gedragspatronen ten aanzien van eetgewoontes verwijzen wij je graag naar de site van de Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD).